Top 10 Absurde Historische Statussymbolen

Top 10 Absurde Historische Statussymbolen

Rijke mensen hebben altijd gezocht naar manieren om hun fortuin te etaleren. Vandaag zijn dat villa’s, sportauto’s en designerkleding. Maar in het verleden waren de statussymbolen soms ronduit bizar. Een rottende ananas op de eettafel, zwarte tanden als schoonheidsideaal of een levende kluizenaar in de tuin. Dit zijn 10 historische statussymbolen die nu volkomen absurd lijken.

1. Tulpen – de bitcoin van de zeventiende eeuw

Tulpenmanie

Tulpen zijn nu synoniem met Nederland, maar de bloem was oorspronkelijk een symbool van keizerlijke macht in het Ottomaanse Rijk. Sultans cultiveerden de bloem intensief vanaf de vijftiende en zestiende eeuw. Europese reizigers namen de bloem mee naar het westen.

In de zeventiende eeuw brak in Nederland een ware manie uit. Tussen 1634 en 1637 stegen de prijzen explosief. Tijdens enkele uitzonderlijke transacties kostte een exclusieve tulpenbol evenveel als een Amsterdams grachtenpand. Speculanten kochten en verkochten bollen die nog in de grond zaten. Toen de zeepbel barstte, bleven talloze investeerders met waardeloze contracten achter.

2. Bordspellen – begraven met je schaakbord

senet
CK-TravelPhotos / Shutterstock.com

De oudste bekende bordspellen dateren van rond 3500 voor Christus en komen uit Egypte en het Midden-Oosten. Vroege spellen waren meer dan louter entertainment. Vooral de luxueus uitgevoerde varianten dienden als diplomatieke geschenken om status te tonen binnen de bevoorrechte elite.

Sommige speelsets waren zo waardevol dat koningen zich ermee lieten begraven. In het graf van farao Toetanchamon lag een prachtig exemplaar van Senet. In de koninklijke graven van Ur in Irak vonden archeologen het Spel van Twintig Velden. Arme mensen speelden overigens ook, maar dan met patronen die simpelweg in het zand waren getekend.

3. Puntige schoenen – status tot voorbij de tenen

poulaines

Voor mannen in middeleeuws Europa betekende status: lange, puntige schoenen. De zogenaamde poulaines of crakows begonnen hun opmars rond 1340. De punten konden bij de rijksten soms wel tientallen centimeters voorbij de tenen uitsteken.

De punt werd opgevuld met wol of haar om de vorm te behouden. Het ongemak was hierbij juist het doel. Wie zulke schoenen droeg, kon onmogelijk fysiek werk verrichten. Je toonde ermee dat je rijk genoeg was voor een leven van ledigheid. Om de sociale orde te handhaven, voerde koning Edward IV in 1463 wetten in waarbij de toegestane lengte van de punt strak afhankelijk werd gemaakt van je sociale klasse.

4. Ananassen – duizenden euro’s om naar te kijken

Ananassen
Wellcome Collection gallery (2018-04-03) . EPB 36788/C CC-BY-4.0

Vanaf de zestiende eeuw begonnen exotische vruchten Europa te bereiken via ontdekkingsreizigers. De ananas sprong er direct uit. Het exotische uiterlijk gaf de vrucht iets mythischs. De gouden kroon op de vrucht werd destijds gezien als een symbolische manifestatie van koninklijke waardigheid.

Ananassen waren astronomisch duur, vaak het equivalent van duizenden euro’s voor één exemplaar. Daarom at je ze niet op. Je zette ze op tafel tijdens feesten en diners als pronkstuk. Dezelfde ananas werd soms wekenlang hergebruikt, of zelfs verhuurd voor een avond, tot de vrucht begon te rotten. Pas in de negentiende eeuw kelderden de prijzen door massale import.

5. Röntgenfoto’s – een technologische rariteit

X ray by Wilhelm Röntgen of Albert von Kölliker's hand 18960123 02

Röntgenstraling werd in 1895 ontdekt door de Duitse natuurkundige Wilhelm Röntgen. Mensen waren direct gefascineerd door het zien van hun eigen skelet. Voor de Europese en Amerikaanse elite werd het kortstondig een populaire rariteit.

Rijke technologieliefhebbers lieten de vroege, kostbare apparatuur soms thuis installeren om indruk te maken op gasten. Röntgenfoto’s werden gemaakt als amusement tijdens salons, waarbij de aanwezigen trots poseerden met hun kostbare juwelen zichtbaar op het beeld. De trend doofde snel uit toen de schadelijke effecten en brandwonden door herhaalde straling pijnlijk duidelijk werden.

6. Schedelverlenging – gemodelleerd in de wieg

Het opzettelijk vervormen van schedels is een praktijk die in verschillende culturen wereldwijd is aangetroffen. Het gebeurde meestal bij baby’s, wier schedels nog zacht zijn, door doeken of planken strak rond het hoofd te binden. Bij de Maya’s was dit een duidelijk herkenbaar symbool voor de adel en hogepriesters.

In Europa duikt het verschijnsel heel soms op. Zo werden er in Duitsland drie skeletten van Vikingvrouwen met langwerpige schedels gevonden. Historici vermoeden dat deze vrouwen immigranten waren uit Zuidoost-Europa, waar de praktijk destijds gebruidelijker was. Hun afwijkende uiterlijk weerspiegelde zo hooguit verre reis- of handelscontacten.

7. Ingebonden voeten – drie inch als ideaal

lotusvoetjes
Women Of All Nations, page 532, MCMXI (1911)

De Chinese praktijk van voetbinden toonde niet alleen status, maar ook extreme toewijding. De oorsprong ligt vermoedelijk in de tiende eeuw bij een hofdanseres die haar voeten bond om voor de keizer te dansen. Andere vrouwen aan het hof begonnen haar na te doen, waarna de trend zich verspreidde.

Het pijnlijke proces begon in de kindertijd. Tenen werden gebroken it strak tegen de voetzool gebonden om de voeten in kleine lotusschoentjes te persen. Het ideaal was een voet van slechts 7,6 centimeter. Aangezien vrouwen met zulke voeten nauwelijks konden lopen, bewees het dat de familie rijk genoeg was om haar niet te laten werken. De praktijk verdween pas in de twintigste eeuw.

8. Egyptische mummies – uitpakfeestjes in de salon

katten asl mummy

mummy
Wirestock Creators / Shutterstock.com

In het oude Egypte was mummificatie een heilige traditie. In het negentiende-eeuwse Europa verwerkte men deze geschiedenis tot een bizar statussymbool. Wie vermogend genoeg was, nam een mummie mee terug van een reis naar het Midden-Oosten.

In eerdere eeuwen werden mummies al vermalen tot medicijnen of tot het pigment ‘mummiebruin’ voor kunstschilders. Tijdens de grote mummiemania organiseerden rijke Europeanen zelfs uitpakfeestjes in hun salons. Gasten keken toe hoe de eeuwenoude windsels werden verwijderd om de overblijfselen te inspecteren. Rond 1900 drong het fatsoen eindelijk door and stopte deze destructieve trend.

9. Zwarte tanden – het schoonheidsideal van de aristocratie

zwarte tanden
julianne.hide / Shutterstock.com

Stralend witte tanden zijn nu de norm, maar in Japan and Vietnam wilden aristocratische vrouwen eeuwenlang juist gitzwarte tanden. Deze praktijk, ohaguro genoemd in Japan, is historisch uitstekend gedocumenteerd vanaf de middeleeuwen. In Vietnam kent het gebruik eveneens een lange traditie.

Een bleke huid in combinatie met gitzwarte tanden gold destijds als elegant en beschaafd. Het toonde bovendien welstand, aangezien de ingrediënten voor de kleurstof kostbaar waren. In Japan loste men ijzervijlsel op in azijn om de vaste zwarte lak te maken. De traditie verdween in de negentiende eeuw toen westerse schoonheidsidealen de overhand kregen.

10. Tuinkluizenaars – een mens als decoratie

tuin kluizenaar
Johann Baptist Theobald Schmitt: Eremit in Flotbeck.

In de achttiende eeuw ontstond onder vermogende Britse landeigenaren een opmerkelijke mode: het houden van een sierkluizenaar. Deze kluizenaars werden ingehuurd om in een speciaal gebouwde, primitieve hut of grot op het landgoed te wonen. Ze moesten hun haar en baard laten groeien en mochten zich vaak jarenlang niet wassen.

De aanwezigheid van zo’n kluizenaar gaf het landgoed een gewenste sfeer van melancholie en filosofische diepgang. Rijke grondeigenaren die geen levend persoon konden of wilden inhuren, kozen vaak voor een alternatief. Ze plaatsten een pop in de hut, of legden er een bril en een opengeslagen boek neer om de suggestie van een bewoner te wekken.

Reacties

Nog geen reacties. Waarom begin je de discussie niet?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *