Wist je dat onze taal doordrenkt is van zout water? Veel gezegdes die we op kantoor of thuis gebruiken, werden eeuwen geleden al over het dek geschreeuwd. Hier zijn 10 uitdrukkingen waarvan de oorsprong op volle zee ligt.
1. Het loopt de spuigaten uit
Als iets echt te ver gaat, gebruiken we deze klassieker. Op een schip zijn spuigaten de gaten in de rand van het dek waar het water door wegloopt. Als het water daar met kracht uitstroomt, is het schip aan het overstromen en is er dus serieus iets mis.
2. Iemand de wind uit de zeilen nemen
Iemand dwarsbomen? Dan neem je diegene de wind uit de zeilen. Vroeger was dit een tactiek tijdens zeeslagen of races: door vlak voor of naast een ander schip te varen, ving jij alle wind op en viel je tegenstander stil.
3. Aan lager wal raken
Wie financieel of sociaal in de problemen zit, is aan lager wal geraakt. De lagerwal is de kant waar de wind naartoe waait. Voor een zeilschip was dit levensgevaarlijk, omdat de wind je onverbiddelijk tegen de kust of de rotsen aan duwde.
4. Overstag gaan
Na lang aandringen geeft je baas eindelijk toe: hij gaat overstag. In de zeilwereld betekent dit dat de boeg van het schip door de wind draait om op een andere koers te gaan varen. Een verandering van richting dus!
5. Alle zeilen bijzetten

Wanneer er een harde deadline aankomt, zetten we alle zeilen bij. Vroeger betekende dit letterlijk dat elk beschikbaar stukje doek aan de mast werd gehangen om bij weinig wind toch nog maximale snelheid te maken.
6. Bakzeil halen
Moet je op je woorden terugkomen? Dan haal je bakzeil. Bij deze manoeuvre werden de zeilen zo gedraaid dat de wind tegen de voorkant blies. Het schip remde hierdoor direct af of voer zelfs achteruit.
7. De bakens verzetten

Als een plan niet werkt, verzetten we de bakens. Bakens geven de veilige vaargeul aan. Omdat zandbanken in de zee continu verschuiven, moesten zeelieden de bakens regelmatig verplaatsen om te voorkomen dat schepen vastliepen.
8. Kant noch wal raken
Deze uitdrukking gebruiken we voor een opmerking die nergens op slaat. Het beeld komt van een stuurloos schip dat nergens kan aanmeren en dus maar wat ronddobbert zonder doel of logica.
9. Een oogje in het zeil houden
Even opletten of alles goed gaat? Dat komt van de matrozen die vroeger de zeilen scherp in de gaten moesten houden. Veranderde de wind of kwam er een storm aan, dan moesten ze direct ingrijpen om schade aan de masten te voorkomen.
10. Recht zo die gaat
Een bemoedigende kreet dat je op de goede weg bent. Dit was oorspronkelijk de directe instructie van de stuurman aan de roerganger: houd het schip precies op deze koers, niet afwijken!

